Ontwerpinpassingsplan RijnlandRoute tervisiegelegd2 april 2014

De aanleg van de RijnlandRoute gaat nu echt van start. Met ingang van 28 maart jl. ligt het ontwerpinpassingsplan voor de RijnlandRoute ter visie op het Provinciehuis in Den Haag en de gemeentehuizen van Katwijk, Wassenaar, Oegstgeest, Leiden, Voorschoten en Zoeterwoude.

De RijnlandRoute doorsnijdt de grondgebieden van deze gemeenten en vormt de verbinding tussen de rijkswegen A4 en A44. Met deze nieuwe snelweg beoogt de Provincie de bestaande infrastructuur te ontlasten. Met name de N206 zou in de toekomst een stuk minder druk moeten zijn.

Een provinciaal inpassingsplan kan gezien worden als een bijzonder soort bestemmingsplan. Na vaststelling en inwerkingtreding van het inpassingsplan worden de regels van het inpassingsplan onderdeel van het bestaande bestemmingsplan. De regels van het inpassingsplan moeten wel eerst, voor de regels van het bestemmingsplan, worden nageleefd.

Ten behoeve van het provinciaal inpassingsplan heeft de provincie de M.e.r.-procedure gevolgd. Met de m.e.r.-procedure worden milieugevolgen van het beoogd project, de RijnlandRoute, onderzocht. De uitkomst van de m.e.r.-procedure, verwoord in het MER, kan aanleiding zijn het provinciaal inpassingsplan aan te passen. 

Procedureel is nu van belang dat met de tervisielegging van het ontwerpinpassingsplan met het MER het bestuursrechtelijke besluitvormingstraject officieel van start gaat.

Wordt u geconfronteerd met de gevolgen van de RijnlandRoute? Dan is het zaak uw zienswijzen op het ontwerpinpassingsplan en het MER voor 8 mei 2014 aan Provinciale Staten van Zuid-Holland kenbaar te maken. Doet u dit niet of niet tijdig, dan kunt u later geen bezwaar meer tegen de plannen maken.

Uiteraard zijn wij graag bereid nader in te lichten over uw (rechts)positie en zijn wij u graag behulpzaam bij het opstellen van de zienswijzen.

 

Deel deze pagina: