Flexibel werken: de trend van 2016?!4 januari 2016

Op 1 januari 2016 is de Wet flexibel werken (Wfw) in werking getreden. De Wet aanpassing arbeidsduur (Waa) is met de inwerkingtreding van deze nieuwe wet gewijzigd en aangevuld.

Onder de Wet aanpassing arbeidsduur was het al mogelijk voor werknemers om bij hun werkgever een verzoek te doen om meer of minder uren te mogen werken. Deze mogelijkheid blijft bestaan onder de Wet flexibel werken. De nieuwe wet geeft werknemers daarnaast meer mogelijkheden om te werken op de door hen gewenste plaats en op de voor hen gunstige tijden.

Werknemers hebben sinds 1 januari 2016 het recht om hun werkgever te verzoeken om een wijziging in arbeidsduur, werktijd én/óf arbeidsplaats. Voorwaarde is wel dat de werknemer ten minste zes maanden voorafgaand aan het beoogde tijdstip van de ingang van de aanpassing in dienst is bij de werkgever. Het verzoek moet bovendien ten minste twee maanden voor het beoogde tijdstip van de ingang van de aanpassing schriftelijk bij de werkgever worden ingediend.

De werkgever is verplicht om in overleg te treden met de werknemer over zijn verzoek. Dit betekent echter niet dat de werkgever toestemming moet geven. Afhankelijk van het verzoek, geldt het volgende:

  • Artikel 2 lid 5 Wet flexibel werken luidt: "De werkgever willigt het verzoek van de werknemer om aanpassing van de arbeidsduur of de werktijd in, voor zover het betreft tijdstip van ingang en de omvang van de aanpassing, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten". De wet geeft een aantal voorbeelden van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen, waaronder ernstige problemen op het gebied van veiligheid of van financiële of rooster technische aard.
  • Ten aanzien van een verzoek om aanpassing van de arbeidsplaats geldt het criterium van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen niet. "De werkgever overweegt het verzoek van de werknemer om aanpassing van de arbeidsplaats en pleegt overleg met de werknemer indien hij het verzoek afwijst", aldus de wetgever in artikel 2 lid 6 Wet flexibel werken. 

Ingevolge het bovenstaande kunnen werkgevers gemakkelijker een verzoek om aanpassing van de arbeidsplaats afwijzen dan een verzoek om aanpassing van de arbeidsduur of de werktijd. Wat dit precies betekent zal de toekomstige jurisprudentie moeten uitwijzen. Deze houden wij uiteraard nauwlettend in de gaten.

De werkgever dient schriftelijk te reageren op het verzoek en in geval van afwijzing dient de werkgever het besluit te motiveren. Let op: "Indien de werkgever niet een maand voor het beoogde tijdstip van ingang van de aanpassing op het verzoek heeft beslist, wordt de arbeidsduur, de arbeidsplaats of de werktijd aangepast overeenkomstig het verzoek van de werknemer (artikel 2 lid 12 Wet flexibel werken)".

Heeft u vragen over de Wet flexibel werken? Bel of mail ons geheel vrijblijvend!

Deel deze pagina:

Contactpersoon