Geen handtekening, wel toestemming echtgenoot!30 september 2016

Als ondernemer kom je vroeg of laat in aanraking met de particuliere borgstelling. De bank wil bijvoorbeeld dat je voor een flink bedrag in privé meetekent voor de lening aan je bedrijf. Of je hebt zelf geld uitgeleend aan het bedrijf van een collega ondernemer en je hebt hem gevraagd daarvoor in privé garant te staan.

Men is er inmiddels aardig alert op dat hiervoor de handtekening van de echtgenoot of de (geregistreerd) partner van de borg nodig is (art. 1:88 BW). Deze 'handtekening van de echtgenoot' is in de praktijk de norm geworden, maar strikt genomen is dit niet nodig! De wet schrijft voor dat de echtgenoot 'toestemming' moet verlenen en die toestemming is vormvrij. Dat wil zeggen dat die toestemming in alle vormen - dus ook mondeling - kan worden gegeven. Zie hiervoor bijvoorbeeld de uitspraak van het Hof Amsterdam van 11 november 2008.

Is dit een pleidooi om de handtekening van de echtgenoot voortaan maar te laten zitten? Nee, zeker niet! De handtekening is de meest gemakkelijke vorm van bewijs van de toestemming en blijft daarom van groot belang. Maar stel je de volgende (praktijk)casus eens voor.

Hendrik is ondernemer en verkoopt de aandelen in zijn bedrijf aan Robert, althans aan de net opgerichte Holding-BV van Robert. De Holding betaalt de helft van de koopsom op leveringsdatum en voor het restant verstrekt Hendrik aan de Holding een 5-jarige geldlening. Robert tekent in privé mee voor deze geldlening. Roberts vrouw tekent niet mee.

Na 2 jaar gaat de verkochte onderneming failliet en de Holding betaalt de rente en aflossing niet langer aan Hendrik. Hendrik spreekt Robert in privé aan. Robert is nog steeds gelukkig getrouwd met (dezelfde) vrouw en deze is zo vriendelijk om de borgstelling te vernietigen.

N.B. Dat dit ook anders kan, blijkt wel uit de uitspraak van het Hof Amsterdam van 5 februari 2013 (ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ5032). In die zaak waren de borg en de echtgenote kennelijk niet meer gelukkig getrouwd, aangezien de echtgenote (tot in kort geding toe) weigerde de borgstelling te vernietigen. Daardoor was de man voor € 200.000 in privé aansprakelijk jegens de bank, welk bedrag de echtgenote met één pennestreek had kunnen wegpoetsen.

Terug naar de borgstelling van Robert jegens Hendrik, zonder de handtekening van Roberts vrouw. Is dit het einde van de zaak? Geen handtekening echtgenote en dus geen borgstelling meer?

Dat hoeft niet! Bij doorvragen blijkt de vrouw van Robert bij diverse besprekingen over de overname aanwezig te zijn geweest. In die besprekingen is de borgstelling door Robert in privé ook aan de orde gekomen en heeft zij daar geen bezwaar tegen gemaakt. Daarnaast zat Roberts vrouw ook nog eens naast hem toen hij de overnamecontracten ondertekende, waaronder de leningsovereenkomst en de borgstelling. Zijn vrouw heeft hem niet van ondertekening weerhouden. Dit alles kan met getuigenverklaringen worden bewezen. Niet alleen kan Hendrik hierover getuigen, maar ook zijn adviseur die bij de besprekingen en de ondertekening van de contracten aanwezig was.

Kan hiermee het bewijs worden geleverd dat Robert toestemming van zijn vrouw had om de borgstelling aan te gaan? Garanties zijn niet te geven, maar het is zeer goed mogelijk. Die toestemming is - zoals gezegd - vormvrij en kan dus ook mondeling of zelfs stilzwijgend zijn gegeven.

Slotsom

Het 'ontbreken van de handtekening' betekent niet automatisch het einde van de discussie over de borgstelling. Het kan lonen om nog eens grondig na te gaan welke rol de echtgenoot destijds bij het aangaan van de borgstelling heeft gespeeld en wat daarvan bewezen kan worden.

Heeft u wel eens te maken met een borgstelling, als schuldeiser of als borg? Bel gerust eens om even te sparren!

Deel deze pagina:

Contactpersoon