PANDRECHT op vorderingen bij een faillissement. Wat nu?25 april 2018

Het uitwinnen (innen) van een verpande vordering door de pandhouder tijdens het faillissement van de pandgever verschilt niet wezenlijk van de situatie buiten faillissement. De pandhouder kan zijn recht van parate executie[1] uitoefenen door mededeling te doen van verpanding van de vordering aan de debiteur van de pandgever.

Het innen van stil verpande vorderingen kan desondanks toch tot problemen leiden bij het faillissement van de pandgever. Indien de debiteur van de pandgever na de faillietverklaring van de pandgever betaalt aan de pandgever, er van uitgaande dat er nog geen mededeling van verpanding is gedaan, dan heeft deze debiteur bevrijdend betaald. Het gevolg daarvan is dat de vordering, inclusief het daarop rustende pandrecht, teniet gaat. Indien de debiteur van de pandgever betaalt op de bankrekening van de pandhouder (dit is veelal de bank waar de pandgever een rekening aanhoudt), dan mag de pandhouder deze betaling verrekenen met de vordering op de pandgever. Deze mogelijkheid van verrekening bestaat ook als de pandhouder weet van het aanstaande faillissement van de pandgever.

Indien de debiteur van de pandgever  contant betaalt aan de curator of op een bankrekening die niet wordt aangehouden bij de pandhouder, dan verliest de pandhouder zijn separatistenpositie en kan de pandhouder niet alsnog betaling vorderen bij de curator. Echter, het pandrecht is in dat geval niet geheel waardeloos, want de pandhouder behoudt wel de aan zijn vordering verbonden voorrang bij de verdeling van het door de curator ontvangen bedrag.  Of de pandhouder vanuit het faillissement enige betaling ontvangt is nog maar de vraag, omdat de pandhouder (via de opbrengst) moet meedelen in de omslag van de zogenaamde algemene faillissementskosten (artikel 182 Fw).  Hiervan is sprake als de failliete boedel onvoldoende baten bevat om alle faillissementskosten te voldoen. In dat geval vallen de normaliter aan de pandhouder toekomende gelden volledig toe aan de boedelschuldeisers.

Heeft u vragen over het pandrecht of wilt u hulp bij het tot stand brengen of uitwinnen daarvan? Neem dan contact op met de Ondernemingsrecht advocaten van Geelkerken Linskens Advocaten. Wij staan voor u klaar.

[1] De pandhouder heeft geen vonnis van een rechtbank nodig om het onderpand te kunnen verkopen of uitwinnen.

 

Deel deze pagina:

Contactpersoon