Vijf jaar partneralimentatie & de twee uitzonderingen18 juni 2018

Gaat de verplichting om partneralimentatie te betalen van 12 jaar naar 5 jaar? Wat zijn de 2 uitzonderingen op die regel? En wat is er verder veranderd in het wetsvoorstel? 

Vijf jaar partneralimentatie

In juni 2018 is het wetsvoorstel herziening partneralimentatie ‘ingrijpend vereenvoudigd’. Uitgangspunt van het wetsvoorstel blijft dat er na scheiding recht bestaat op 5 jaar partneralimentatie. Volgens de indieners van het wetsvoorstel komt dit tegemoet aan de ‘breed levende maatschappelijke wens’.

Twee uitzonderingen:

  1. er is sprake van een langdurig huwelijk en op het moment van scheiding is degene die aanspraak wil maken op alimentatie maximaal 10 jaar verwijderd van de AOW-gerechtigde leeftijd (dus zo rondom 57 jaar). Als aan die voorwaarden is voldaan kan aanspraak gemaakt worden op partneralimentatie gedurende maximaal 10 jaar, namelijk tot het moment dat de alimentatiegerechtigde de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt. Een voorbeeld. Partijen zijn getrouwd toen zij 28 waren. Op het moment dat de alimentatiegerechtigde (vaak de vrouw, maar soms ook de man) 60 is, komt het tot een echtscheiding. De alimentatiegerechtigde heeft dan recht op partneralimentatie tot het moment dat zij/hij de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt. Stel dat dat is als de alimentatiegerechtigde 68 jaar is, dan bestaat dus recht op 8 jaar alimentatie. Het idee achter deze uitzondering is dat van degene die lang niet actief is geweest op de arbeidsmarkt, in redelijkheid niet verwacht kan worden dat zij/hij bij een scheiding op latere leeftijd binnen 5 jaar in het eigen levensonderhoud kan voorzien. Uit deze achtergrond blijkt ook meteen dat als er sprake is van een scheiding op latere leeftijd na een langdurig huwelijk, het ook kan zijn dat als beide partijen een goede baan met bijbehorend inkomen hebben, er mogelijk geen reden is voor partneralimentatie.
  2. de tweede uitzondering op de hoofdregel dat er 5 jaar partneralimentatie betaald moet worden is als volgt. Op het moment van scheiden hebben de echtgenoten jonge kinderen. In dat geval bestaat recht op maximaal 12 jaar alimentatie. Op het moment dat de kinderen naar de middelbare school gaan, is ‘zorg en arbeid’ beter te combineren, zo is de achterliggende gedachte.

Andere wijzigingen

Eerder informeerden wij u al over het wetsvoorstel herziening partneralimentatie (zie ons nieuwsbericht d.d. 23-03-2017) waarbij nadruk lag op 2 voorgestelde wijzigingen. Die voorgestelde wijzigingen komen in het in juni 2018 aangepaste wetsvoorstel niet terug.

Het ging om:

  1. de aanpassing van de basis van de partneralimentatie. Dat is en blijft ‘de voortdurende solidariteit / lotsverbondenheid’ na scheiding. Het gaat dus niet over het effect van het huwelijk op wat iemand zelf kan vedienen (‘verlies aan vediencapaciteit’)
  2. het aanpassen van het artikel waarin staat dat als degene die alimentatie ontvangt, gaat samenwonen, de alimentatie stopt. Dat artikel blijft gehandhaafd in het nieuwe wetsvoorstel.

Het is en blijft een wetsvoorstel. Oftewel, het geldt nog niet. Rechters zijn vaak ook niet bereid in een uitspraak alvast een wetsvoorstel tot uitgangspunt te nemen. In het kader van mediation kan dat uiteraard wel, mits beide echtgenoten weten waar zij recht op hebben/welke verplichting zij hebben en zij dit samen afspreken.

Heeft u vragen over dit wetsvoorstel, over partneralimentatie of over iets anders dat met scheiden te maken heeft (verdeling, afwikkeling huwelijkse voorwaarden)? Neemt u dan contact op met Maya Perfors, Kim Diepstraten of Sylvia Raphael. Zij staan u graag te woord. Dat kan telefonisch, per e-mail of tijdens een gratis kennismakingsgesprek van 30 minuten op ons kantoor in Leiden.

Deel deze pagina:

Contactpersoon