Uitspraak Afdeling bestuursrechtspraak over Wet voorkeursrecht gemeenten16 juli 2018

Sinds enige tijd* heeft de Afdeling op 11 juli 2018 weer eens een uitspraak gedaan over een aanwijzingsbesluit op de voet van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) (zaaknummer: ECLI:NL:RVS:2018:2332 inzake de gemeente Purmerend). De belanghebbende komt met een aantal grieven op tegen de vestiging van een voorkeursrecht op zijn perceel door de gemeente Purmerend. De grieven stellen dat een ander door het voorkeursrecht wordt bevoordeeld en dat de bevoegdheid tot het verkrijgen van het voorkeursrecht voor een ander doel wordt gebruikt dan waar voor het is gegeven. Ook zou een van zijn huurders hebben opgezegd en heeft een koopoptie ingeroepen.

De Afdeling reageert als volgt:

  1. Uit de uitspraak van de Afdeling van 8 april 2015 ECLI:NL:RVS:2015:1089 blijkt dat de wetgever met de invoering van de Wvg heeft beoogd om de positie van de gemeente bij de grondverwerving ten behoeve van de verwezenlijking van het ruimtelijke beleid te versterken, door de Raad een middel te geven waarmee speculatie kan worden tegengegaan en de regie bij de verwezenlijking van de voorgestane ruimtelijke ontwikkeling kan worden behouden.
  2. Vervolgens stelt de Afdeling dat anders dan hetgeen appellant heeft gesteld, zijn gronden niet zijn opgenomen om andere redenen dan het tegengaan van speculatie en het behouden van de regie. Het voornemen van transformatie blijkt namelijk uit de structuurvisie, alsmede het vaststellen van het bestemmingsplan, ten aanzien waarvan de Afdeling een door dezelfde appellant ingesteld beroep ongegrond heeft verklaard. In die uitspraak over het bestemmingsplan heeft de Afdeling al geoordeeld dat specifieke bevoordeling van een derde niet aan de orde is, omdat het gaat om een perceel dat de gemeente minnelijk heeft verworven. De Afdeling concludeert dan dat "daargelaten of de Wvg daartoe mogelijkheid biedt, geen sprake is van vestiging van een voorkeursrecht ten behoeve van dan wel ten voordele van een derde".
  3. Vervolgens oordeelt de Afdeling onder verwijzing van zijn uitspraak van 27 oktober 2010 ECLI:NL:RVS:2010:BO1862 dat de wetgever zelf bij de totstandkoming van de Wvg het met het vestigen van een voorkeursrecht te dienen belang heeft afgewogen tegen het individuele financiële belang van de grondeigenaar, zodat het enkele financiële belang niet meer afzonderlijk in de afweging behoeft te worden betrokken.
  4. Er zal los van deze procedure moeten beoordeeld worden of op voldoende gronden aan de orde is of het gestelde optierecht van de huurder een uitzondering op de aanbiedingsverplichting vormt.

Zulks is aan de orde en ik citeer artikel 10, 3e lid, Wvg in het volgende geval:

"Dat een vervreemder eerst tot vervreemding over kan gaan, nadat de gemeente in de gelegenheid is gesteld de desbetreffende goed te verkrijgen (aanvulling CMEV) ingeval de vervreemding geschiedt ingevolge een overeenkomst betreffende een onroerende zaak, dan wel een overeenkomst behelzende een verplichting van de vervreemder betreffende een onroerende zaak, voor zover: a. vervreemding geschiedt aan een in die overeenkomst met name genoemde partij, en een tegen een in die overeenkomst met name genoemde prijs, dan wel tegen een volgens die overeenkomst bepaalbare prijs, en; b. de overeenkomst is ingeschreven in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, voordat een besluit tot aanwijzing of voorlopige aanwijzing in werking is getreden, en; c. de vervreemding geschiedt binnen zes maanden na de dag van de inschrijving van de overeenkomst in de openbare registers als bedoeld onder b."

Dit zijn nogal wat eisen en de vraag is of daaraan is voldaan.

Algemene conclusie

De Afdeling maakt korte metten en verwijst met name naar bestaande eigen uitspraken. Hieruit blijkt wel dat het aanvechten van een aanwijzingsbesluit op de voet de Wet voorkeursrecht gemeenten om de aangevoerde redenen niet snel tot vernietiging ervan zal leiden.

Ten slotte

Hebt u vragen over de Wet voorkeursrecht gemeenten, eigendomsrecht, huurrecht, onteigeningrecht of andere vastgoedzaken? Neem dan vrijblijvend contact met mij op!

(*: De vorige dateerde van 8 april 2015.)

Deel deze pagina:

Contactpersoon